Echtscheiding en de dga: wat gebeurt er fiscaal met de bv, de aandelen en het pensioen?

Bij een echtscheiding van een dga kunnen de aandelen in de bv zonder box 2-heffing worden verdeeld, maar alleen als zij tot een huwelijksgemeenschap behoren, de verdeling binnen twee jaar na de ontbinding plaatsvindt en de verkrijger binnenlands belastingplichtig is. Buiten die route geldt de overgang van de aandelen als een vervreemding, met box 2-belasting over de meerwaarde. Pensioen in eigen beheer, een oudedagsverplichting, alimentatie en de rekening-courant met de bv vragen elk een eigen fiscale afweging.

Echtscheiding en de dga is een combinatie waarin het familierecht bepaalt wat er te verdelen valt, en het belastingrecht bepaalt wat die verdeling kost. Wie de aandelen behoudt, neemt een latente belastingclaim mee; wie wordt uitgekocht, krijgt een vordering die in box 3 valt. Op deze pagina staat wat er fiscaal gebeurt met de aandelen, het pensioen, de alimentatie, de woning en de schulden aan de bv. Het familierecht behandelen wij alleen als kader: voor de vraag wat tot de gemeenschap behoort en hoe huwelijkse voorwaarden uitwerken, is een familierechtadvocaat of mediator de aangewezen adviseur.

In het kort

  • De verdeling van een huwelijksgemeenschap binnen twee jaar na de ontbinding is voor box 2 geen vervreemding, mits de verkrijger binnenlands belastingplichtig is (artikel 4.17 Wet IB 2001). De verkrijgingsprijs schuift door (artikel 4.39).
  • Gezamenlijk kunt u kiezen om toch af te rekenen; die keuze wordt gemaakt in de aangifte (artikel 4.38).
  • Aandelen die op grond van een verrekenbeding worden overgedragen, vallen niet onder de doorschuiving. Dat is een vervreemding met box 2-heffing.
  • Een nog bestaand pensioen in eigen beheer valt onder de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding; voor een oudedagsverplichting bestaat geen wettelijke splitsing.
  • Partneralimentatie is aftrekbaar, in 2026 tegen ten hoogste 37,56 procent. Voor excessief lenen telt de ex-partner niet meer mee als het fiscale partnerschap aan het einde van het jaar is geëindigd.

Gaat u scheiden en zit uw vermogen grotendeels in de bv? De review fiscale positie bv en dga brengt in kaart wat de verdeling fiscaal betekent: de aandelen en de verkrijgingsprijs, de latente box 2-claim, het pensioen in eigen beheer of de oudedagsverplichting en de rekening-courant. U krijgt een rapportage die u met uw advocaat of mediator kunt gebruiken.

Review binnen vijf werkdagen: EUR 995 excl. btw (EUR 1.203,95 incl. btw). Review bv en dga →

Stel uw vraag per e-mail

Vertrouwelijk. Vaste prijs vooraf. Advies en uitvoering uit één hand. Aangesloten bij het Register Belastingadviseurs.

Welk familierechtelijk kader bepaalt wat er te verdelen valt?

Of de aandelen in de bv tot het te verdelen vermogen behoren, volgt uit uw huwelijksgoederenregime en niet uit het belastingrecht. Bij huwelijken vanaf 1 januari 2018 geldt als hoofdregel de beperkte gemeenschap van goederen: wat u vóór het huwelijk had, blijft in beginsel privé. Bij oudere huwelijken zonder huwelijkse voorwaarden valt doorgaans alles in de gemeenschap, ook een vóór het huwelijk opgerichte bv. Wie huwelijkse voorwaarden heeft, kent meestal een uitsluiting van iedere gemeenschap met een periodiek of finaal verrekenbeding.

Dat onderscheid is fiscaal beslissend. Een gemeenschap wordt verdeeld; bij een verrekenbeding blijven de aandelen eigendom van de dga en ontstaat alleen een vordering van de andere echtgenoot. De doorschuifregeling in box 2 is geschreven voor de eerste situatie. Laat de familierechtelijke kwalificatie daarom eerst vaststellen door uw advocaat of mediator, en laat daarna doorrekenen wat elke verdeelvariant fiscaal betekent. Een geregistreerd partnerschap wordt fiscaal gelijkgesteld met een huwelijk, zodat het onderstaande ook geldt bij de beëindiging daarvan.

Kunnen de aandelen bij echtscheiding van de dga zonder belasting worden verdeeld?

Ja, als de aandelen tot een huwelijksgemeenschap behoren en die gemeenschap binnen twee jaar na de ontbinding wordt verdeeld. De wet merkt die verdeling dan niet aan als vervreemding, mits de echtgenoot die de aandelen verkrijgt binnenlands belastingplichtig is en de aandelen bij hem niet tot een onderneming of een werkzaamheid behoren (artikel 4.17 Wet IB 2001). Er wordt op dat moment dus niet afgerekend in box 2.

De keerzijde is dat de verkrijger de oude verkrijgingsprijs overneemt: de verkrijgingsprijs schuift door (artikel 4.39 Wet IB 2001). De volledige latente box 2-claim gaat dus mee naar wie de aandelen houdt, ook over de helft die voorheen economisch aan de andere echtgenoot toekwam. De termijn van twee jaar verdient aandacht. De gemeenschap wordt bij echtscheiding al ontbonden op het moment dat het verzoek tot echtscheiding bij de rechtbank wordt ingediend (artikel 1:99, eerste lid, onderdeel b, BW), zodat de termijn vanaf dat moment loopt. Een verdeling die door een slepende procedure later rond komt, valt in beginsel buiten de regeling. Voor ongehuwd samenwonenden geldt de regeling niet, omdat er geen huwelijksgemeenschap is; een overdracht van aandelen tussen hen is een gewone vervreemding.

Kunt u ervoor kiezen om toch af te rekenen?

Ja, de gezamenlijke belanghebbenden kunnen kiezen om de doorschuifregeling niet toe te passen; die keuze wordt gemaakt bij de aangifte of aangiften waarin het vervreemdingsvoordeel is opgenomen (artikel 4.38 Wet IB 2001). Beide echtgenoten moeten het dus eens zijn. Wordt gekozen voor afrekenen, dan rekent de echtgenoot die zijn aandeel in de aandelen aan de ander overlaat af over de meerwaarde van dat deel; de verkrijger rekent niet af over het deel dat hem al toekwam. Voor het overgenomen deel krijgt de verkrijger een verkrijgingsprijs gelijk aan de waarde bij de verdeling.

Afrekenen lijkt onaantrekkelijk, maar kan zinvol zijn. Het tarief van box 2 bedraagt in 2026 24,5 procent tot en met 68.843 euro en 31 procent daarboven (artikel 2.12 Wet IB 2001). Wie verwacht dat het tarief later hoger ligt, of wie de latente claim niet wil laten meewegen in een discussie over de waardering, kan bewust kiezen voor een schone lei.

Wat als u huwelijkse voorwaarden met een verrekenbeding heeft?

Dan is er geen gemeenschap die wordt verdeeld en kan de doorschuifregeling niet worden toegepast. Een verrekenbeding geeft de andere echtgenoot een vordering in geld. Zolang de dga die vordering in geld voldoet, houdt hij zijn aandelen en verandert er voor box 2 niets.

Het venijn zit in de afwikkeling. Veel dga's hebben de liquiditeit niet en stellen voor de verrekenvordering te voldoen door een deel van de aandelen over te dragen. Die overdracht is een vervreemding: de dga betaalt box 2-belasting over de meerwaarde van de overgedragen aandelen, zonder dat er geld binnenkomt, en de ex-partner wordt minderheidsaandeelhouder in een bv waarover hij of zij geen zeggenschap heeft. Wat als een fiscaal vriendelijke oplossing wordt gepresenteerd, kost dan per honderdduizend euro meerwaarde al snel 24.500 tot 31.000 euro aan box 2-belasting. Dezelfde uitkomst ontstaat bij aandelen die bij een beperkte gemeenschap privé zijn gebleven en toch naar de andere echtgenoot gaan.

Wat gebeurt er als de aandelen naar de ene partner gaan en de ander een vordering krijgt?

Dan ontstaat een vordering wegens overbedeling, die voor de ontvangende ex-partner tot de bezittingen in box 3 behoort en voor de dga een schuld in box 3 is. Dat is de gebruikelijke route: de dga houdt alle aandelen, de ander krijgt de helft van de waarde in geld of als vordering op termijn. Bij een gemeenschap kan dat binnen de doorschuifregeling; bij een verrekenbeding is de verrekenvordering zelf de vordering.

Rente over de overbedelingsschuld is voor de dga niet aftrekbaar in box 1 of box 2; de schuld drukt wel zijn box 3-grondslag. Bij de ontvanger telt de vordering mee in de rendementsgrondslag van box 3. Wie de vordering wil voldoen uit de bv, bijvoorbeeld door dividend uit te keren, betaalt box 2-belasting over dat dividend. Of de bv daarvoor ruimte heeft, en wat het kost om overtollig vermogen uit de bv te halen, bespreken wij in Overtollig vermogen in de bv. Lenen bij de bv om de ex-partner te betalen raakt direct aan de Wet excessief lenen, verderop.

Hoe worden de aandelen gewaardeerd, en telt de latente box 2-claim mee?

De aandelen worden gewaardeerd op de waarde in het economische verkeer, en in de civiele rechtspraak wordt bij de verdeling rekening gehouden met de latente box 2-claim. Wie de aandelen houdt, betaalt later belasting over de meerwaarde; het zou onbillijk zijn hem de volle waarde toe te rekenen alsof die claim niet bestond. Over de vraag of de claim nominaal of contant moet worden gewaardeerd, verschillen rechters en deskundigen nog van mening. Omdat de heffing pas bij een latere vervreemding of uitdeling plaatsvindt, speelt daarbij een rol wanneer die belasting naar verwachting wordt betaald.

De methode van waardering zelf, intrinsieke waarde, rentabiliteitswaarde of een combinatie, bepaalt de uitkomst minstens zo sterk als de latente claim. Een onderbouwde waardering voorkomt dat één partij een getal dicteert. Welke methode past bij welk soort bv, staat in Fiscale bedrijfswaardering: welke methode?. Gaat de bv kort na de scheiding toch in de verkoop, dan bepaalt de structuur hoeveel er overblijft om te verdelen; zie Bv verkopen: rechtstreeks of via een holding?.

Wat gebeurt er met pensioen in eigen beheer en de oudedagsverplichting?

Een pensioen in eigen beheer dat niet is afgekocht of omgezet, valt onder de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding; een oudedagsverplichting valt daarbuiten. Sinds de uitfasering in 2017 kan in eigen beheer geen nieuw pensioen meer worden opgebouwd. De bestaande aanspraken zijn bevroren onder het recht zoals dat op 31 december 2016 gold (artikel 38n Wet LB 1964). Tot en met 2019 konden dga's het pensioen afkopen of omzetten in een oudedagsverplichting; voor omzetting was de schriftelijke instemming van de partner vereist.

Voor het bevroren pensioen geldt de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding, die uitdrukkelijk ook ziet op een pensioenovereenkomst met een dga (artikel 1, vierde lid). De ex-partner heeft recht op verevening van het pensioen dat tijdens het huwelijk is opgebouwd en kan uitbetaling van een deel van de pensioentermijnen rechtstreeks van de bv vorderen, mits binnen twee jaar na de scheiding de mededeling met het voorgeschreven formulier aan de bv is gedaan (artikel 2). Zonder tijdige mededeling blijft alleen een aanspraak op de dga zelf. Het wetsvoorstel Wet pensioenverdeling bij scheiding 2022, dat conversie tot hoofdregel zou maken, is nog in behandeling bij de Tweede Kamer. Het kabinet gaat uit van inwerkingtreding per 1 januari 2028. Dat is dus nog geen geldend recht.

Voor de oudedagsverplichting kent de wet geen splitsing. De termijnen worden uitgekeerd aan de dga zelf (artikel 38p Wet LB 1964). De waarde moet daarom in de verdeling of verrekening worden betrokken, met aandacht voor de latente loonbelasting op de toekomstige termijnen. Een stamrecht of lijfrente in de bv vraagt een vergelijkbare analyse.

Wat geldt voor alimentatie?

Partneralimentatie is voor de betaler aftrekbaar als onderhoudsverplichting en bij de ontvanger belast als periodieke uitkering (artikel 6.3, eerste lid, onderdeel a, en artikel 3.101, eerste lid, onderdeel b, Wet IB 2001). Een afkoopsom aan de gewezen echtgenoot is eveneens aftrekbaar. Kinderalimentatie is niet aftrekbaar, omdat de wet uitkeringen aan bloedverwanten in de rechte lijn uitsluit.

De aftrek levert minder op dan menige dga verwacht. Voor zover de persoonsgebonden aftrek valt in het inkomen boven 78.426 euro, geldt in 2026 een correctie van 11,94 procent, zodat de aftrek effectief tegen 37,56 procent werkt in plaats van tegen het toptarief van 49,50 procent (artikel 2.10, eerste en tweede lid, Wet IB 2001). Bij de ontvanger wordt de alimentatie belast tegen het eigen tarief. Afspraken over de hoogte van de alimentatie zijn familierecht; de netto-uitkomst voor beide partijen is fiscaal en hoort in dezelfde berekening.

Wat gebeurt er met de eigen woning en het fiscale partnerschap?

Wie de echtelijke woning verlaat, mag die nog ten hoogste twee jaar als eigen woning behandelen zolang de ex-partner er blijft wonen, en het fiscale partnerschap eindigt zodra het verzoek tot echtscheiding is ingediend en u niet meer op hetzelfde woonadres staat ingeschreven (artikel 3.111, vierde lid, Wet IB 2001 en artikel 5a, vierde lid, AWR). Tot dat moment kunnen echtgenoten onder meer inkomensbestanddelen en het box 3-vermogen onderling verdelen. Voor het jaar waarin het partnerschap eindigt, kunnen zij samen kiezen om het hele jaar als partners te gelden voor die verdeling (artikel 2.17, zevende lid, Wet IB 2001).

De termijn van twee jaar loopt vanaf het moment dat de woning niet langer uw hoofdverblijf is. Daarna valt het eigen deel van de woning in box 3, tenzij die eerder wordt verkocht of toegedeeld.

Wat betekent de scheiding voor de rekening-courant en excessief lenen?

De drempel van 500.000 euro geldt voor de schulden van de dga en zijn partner samen, en een ex-partner telt niet meer mee als het fiscale partnerschap op 31 december is geëindigd. Box 2 belast het deel van de schulden bij de eigen vennootschap dat de drempel te boven gaat, gemeten aan het einde van het kalenderjaar (artikelen 4.13, eerste lid, onderdeel f, en 4.14a Wet IB 2001). Wie als partner geldt, volgt uit artikel 5a AWR en artikel 1.2 Wet IB 2001.

Dat werkt twee kanten op. Een schuld van de ex-partner aan de bv telt na het einde van het partnerschap niet meer mee bij de dga, wat ruimte geeft. Maar wie de uitkoop van de ex-partner financiert met een nieuwe lening bij de bv, kan juist boven de drempel uitkomen en belasting betalen over geld dat al aan de ex-partner is doorbetaald. Gaat een schuld aan de bv bij de verdeling naar de ex-partner zonder aanmerkelijk belang, dan valt die voor de ex-partner buiten de regeling. De werking van de drempel leest u in Excessief lenen: drempel van € 500.000.

Kerncijfers op een rij

OnderwerpRegelGrondslag
Verdeling huwelijksgemeenschapGeen vervreemding bij verdeling binnen twee jaar na ontbinding (indiening verzoek tot echtscheiding), verkrijger binnenlands belastingplichtigArtikel 4.17 Wet IB 2001; artikel 1:99 BW
Verkrijgingsprijs na verdelingSchuift door naar de verkrijgerArtikel 4.39 Wet IB 2001
Toch afrekenenGezamenlijke keuze in de aangifteArtikel 4.38 Wet IB 2001
Box 2-tarief 202624,5 procent tot en met 68.843 euro, 31 procent daarbovenArtikel 2.12 Wet IB 2001
Pensioen in eigen beheerBevroren per 2017; verevening, mededeling binnen twee jaar; wetsvoorstel pensioenverdeling nog niet aangenomenArtikel 38n Wet LB 1964; artikelen 1 en 2 Wet VPS
OudedagsverplichtingUitkering aan de dga; geen wettelijke splitsingArtikel 38p Wet LB 1964
PartneralimentatieAftrekbaar; in 2026 effectief ten hoogste 37,56 procentArtikelen 6.3 en 2.10 Wet IB 2001
Einde fiscaal partnerschapVerzoek tot echtscheiding ingediend en ander woonadresArtikel 5a, vierde lid, AWR
Eigen woning na vertrekTen hoogste twee jaar als ex-partner er woontArtikel 3.111, vierde lid, Wet IB 2001
Excessief lenen500.000 euro voor dga en partner samen, peildatum 31 decemberArtikelen 4.13 en 4.14a Wet IB 2001

Veelgestelde vragen

Moet ik bij echtscheiding belasting betalen over de aandelen in mijn bv?

Niet als de aandelen tot een huwelijksgemeenschap behoren, de verdeling binnen twee jaar na de ontbinding plaatsvindt en de verkrijger binnenlands belastingplichtig is. De verkrijgingsprijs schuift dan door en de box 2-claim gaat mee naar wie de aandelen krijgt.

Geldt de doorschuifregeling ook bij huwelijkse voorwaarden?

Niet bij een verrekenbeding. Daar is geen gemeenschap die wordt verdeeld. Worden aandelen overgedragen om een verrekenvordering te voldoen, dan is dat een vervreemding met box 2-heffing.

Telt de latente box 2-claim mee bij de waardering van de aandelen?

Ja, in de civiele rechtspraak wordt bij de verdeling rekening gehouden met de latente belastingclaim. Of die nominaal of contant wordt gewaardeerd, hangt af van de situatie en is nog niet eenduidig beslist.

Wat gebeurt er met mijn pensioen in eigen beheer bij scheiding?

Een bevroren pensioen in eigen beheer valt onder de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding. De ex-partner kan een deel rechtstreeks van de bv vorderen als binnen twee jaar na de scheiding de mededeling is gedaan. Een oudedagsverplichting valt daarbuiten en moet in de verdeling of verrekening worden betrokken.

Is partneralimentatie aftrekbaar voor een dga?

Ja, partneralimentatie is aftrekbaar als onderhoudsverplichting, maar in 2026 effectief tegen ten hoogste 37,56 procent. Kinderalimentatie is niet aftrekbaar.

Telt de schuld van mijn ex-partner aan de bv nog mee voor excessief lenen?

Niet als het fiscale partnerschap op 31 december is geëindigd, dus als het verzoek tot echtscheiding is ingediend en u niet meer op hetzelfde adres staat ingeschreven. Daarna tellen alleen uw eigen schulden aan de bv mee voor de drempel van 500.000 euro.

Waarom dit maatwerk is

Bij een scheiding van een dga wordt over het vermogen onderhandeld in bruto bedragen, terwijl de uitkomst netto wordt beleefd. De keuze tussen doorschuiven en afrekenen, de waardering van de latente claim, de afwikkeling van een verrekenbeding, het pensioen in eigen beheer en de financiering van de uitkoop bepalen samen wat ieder overhoudt. Een verdeling die familierechtelijk evenwichtig is, kan fiscaal scheef uitpakken als die stappen niet in samenhang worden bekeken.

Wij rekenen de fiscale gevolgen van de verdeelvarianten door, zodat uw advocaat of mediator met netto bedragen kan werken. Na de scheiding verzorgen wij desgewenst ook de aangiften van de bv en van uzelf, zodat wat is afgesproken ook terugkomt in wat wordt ingediend. Wie eerst wil weten hoe zijn bv en zijn eigen positie ervoor staan, begint met de review fiscale positie bv en dga.

Stand van wet- en regelgeving: november 2026.

De informatie op deze pagina is van algemene en informatieve aard en vormt geen fiscaal, juridisch of financieel advies. Bedragen en percentages gelden voor 2026 en kunnen wijzigen. Voor toepassing op uw specifieke situatie adviseren wij u graag persoonlijk.

Wilt u weten wat de verdeling netto betekent, voordat u tekent? In de review rekenen wij uw fiscale positie als dga door: aandelen en verkrijgingsprijs, doorschuiven of afrekenen, pensioen in eigen beheer of oudedagsverplichting, rekening-courant en excessief lenen. De aangiften van de bv en van uzelf kunnen wij daarna ook verzorgen.

Review binnen vijf werkdagen: EUR 995 excl. btw (EUR 1.203,95 incl. btw). Review bv en dga →

Stel uw vraag per e-mail

Vertrouwelijk. Vaste prijs vooraf. Advies en uitvoering uit één hand. Aangesloten bij het Register Belastingadviseurs.

Vorige
Vorige

Box 3 met werkelijk rendement: wat verandert er voor vastgoed en beleggingen?

Volgende
Volgende

Rekening-courant dga boven 500.000 euro: welke routes brengen u onder de drempel?