Hoe werkt schenk- en erfbelasting? Regels, vrijstellingen en tarieven in 2026
Schenken en erven roepen elk jaar dezelfde vragen op: hoeveel mag ik belastingvrij geven, wat betaal ik over een erfenis, hoe doe ik aangifte, en hoe kan ik de belasting beperken? Hieronder staan de antwoorden voor 2026, met de actuele vrijstellingen, tariefgroepen en tarieven, in vraag-en-antwoordvorm.
In het kort
- Schenkbelasting betaalt u over een schenking, erfbelasting over een erfenis. Beide vallen onder de Successiewet 1956, kennen dezelfde progressieve tarieven, maar verschillende vrijstellingen. De belasting wordt geheven van de ontvanger.
- In 2026 mag u uw kind jaarlijks 6.908 euro belastingvrij schenken, en 2.769 euro aan ieder ander.
- De partnervrijstelling voor de erfbelasting is 828.035 euro; voor een kind of kleinkind 26.230 euro.
- De tarieven zijn 10 en 20 procent voor partner en kinderen, 18 en 36 procent voor kleinkinderen, en 30 en 40 procent voor overige verkrijgers, met een schijfgrens van 158.669 euro.
- De aangiftetermijn voor de erfbelasting is per 1 januari 2026 verruimd van acht naar twintig maanden.
Hoe werkt schenk- en erfbelasting?
Schenk- en erfbelasting worden geheven over het verkrijgen van vermogen zonder tegenprestatie: door een schenking tijdens leven (schenkbelasting) of door vererving bij overlijden (erfbelasting). Beide zijn geregeld in de Successiewet 1956 en kennen een progressief tarief: hoe hoger de verkrijging, hoe hoger het percentage. De hoogte hangt daarnaast af van de relatie tussen de schenker of erflater en de verkrijger. De belasting wordt steeds geheven van degene die verkrijgt, niet van de schenker of de overledene.
Wanneer is schenkbelasting verschuldigd, en wanneer erfbelasting?
Voor beide geldt het woonplaatsbeginsel, maar met een verschillend aanknopingspunt. Schenkbelasting is verschuldigd als de schenker op het moment van de schenking in Nederland woont; waar de ontvanger woont, doet niet ter zake. Erfbelasting is verschuldigd over alles wat wordt verkregen uit de nalatenschap van iemand die op het moment van overlijden in Nederland woonde. In beide gevallen kan de woonplaatsfictie het begrip "wonen in Nederland" oprekken (zie de vraag over emigratie).
Wat zijn de tariefgroepen?
De Successiewet kent drie tariefgroepen, die zowel voor de schenk- als de erfbelasting gelden:
- Tariefgroep I: partners en kinderen, waaronder stief- en pleegkinderen.
- Tariefgroep Ia: kleinkinderen en verdere afstammelingen. Hun tarief is 1,8 keer dat van groep I, oftewel een opslag van 80 procent.
- Tariefgroep II: overige verkrijgers, zoals broers, zussen, neven, nichten en derden. Zij vallen altijd in de hoogste groep.
Hoeveel mag ik in 2026 belastingvrij schenken?
- Ouders aan een kind: 6.908 euro per jaar.
- Aan ieder ander, zoals een kleinkind, ander familielid of derde: 2.769 euro per jaar.
- Eenmalig verhoogd, aan een kind tussen 18 en 40 jaar: 33.129 euro vrij te besteden, of 69.009 euro voor een dure studie die minstens 20.000 euro per jaar kost.
De eenmalig verhoogde vrijstelling komt in de plaats van de jaarlijkse; ze worden niet bij elkaar opgeteld. De aparte vrijstelling voor de eigen woning, de jubelton, is per 1 januari 2024 afgeschaft.
Wat zijn de vrijstellingen voor de erfbelasting in 2026?
- Partner (echtgenoot, geregistreerd of samenwonend): 828.035 euro.
- Kind, pleeg- of stiefkind: 26.230 euro.
- Kleinkind: 26.230 euro.
- Achterkleinkind: 2.769 euro.
- Kind met een beperking: 78.671 euro, onder voorwaarden.
- Ouder(s): 62.110 euro, voor beide ouders samen.
- Andere erfgenaam, zoals een broer, zus of vriend: 2.769 euro.
Is de waarde van uw erfenis lager dan of gelijk aan uw vrijstelling, dan betaalt u geen erfbelasting.
Welke tarieven en schijven gelden in 2026?
De tarieven zijn voor schenkingen en erfenissen gelijk en worden toegepast op het bedrag dat na aftrek van de vrijstelling overblijft:
- Partner en kinderen (groep I): 10 procent tot 158.669 euro, en 20 procent over het meerdere.
- Kleinkinderen en verdere afstammelingen (groep Ia): 18 procent en 36 procent.
- Overige verkrijgers (groep II): 30 procent en 40 procent.
Rekenvoorbeeld. Erft een kind een belast bedrag van 250.000 euro (dus na aftrek van de vrijstelling), dan is de erfbelasting: 10 procent over de eerste 158.669 euro is 15.867 euro, en 20 procent over het meerdere van 91.331 euro is 18.266 euro. Samen 34.133 euro.
Wanneer is er fiscaal sprake van een schenking?
Een schenking wordt fiscaal erkend wanneer aan twee eisen is voldaan: er is vrijgevigheid bij de schenker, dus geen inlossing van een schuld of tegenprestatie, en er is een vermogensverschuiving, dat wil zeggen een verarming bij de schenker en een verrijking van de begiftigde. Wordt alleen iets geruild, of ontbreekt de vrijgevigheid, dan is er geen schenking. Is aan beide eisen voldaan, dan moet de waarde van de schenking worden bepaald.
Welke formaliteiten gelden, en wanneer is een notariële akte verplicht?
Voor een schenking van geld of gewone roerende zaken is geen notariële akte nodig; die is vormvrij, al is schriftelijke vastlegging voor de bewijspositie verstandig. Een notariële akte is wél verplicht:
- bij een schenking van onroerend goed, zoals een woning of grond: de levering vereist een notariële transportakte, die in het kadaster wordt ingeschreven;
- bij een schenking van aandelen in een bv of van aandelen op naam in een niet-beursgenoteerde nv: de overdracht vereist een notariële leveringsakte, waarna het bestuur de overdracht erkent;
- bij een schenking op papier (een schuldigerkenning).
Telt een schenking vlak voor het overlijden mee voor de erfbelasting?
Ja. Een schenking die binnen 180 dagen vóór het overlijden is gedaan, wordt voor de erfbelasting behandeld alsof zij uit de nalatenschap is verkregen. Deze 180-dagenregeling voorkomt dat vlak voor overlijden nog vermogen wordt weggeschonken om erfbelasting te besparen. Met ingang van 2026 wordt over zo'n schenking alleen nog erfbelasting geheven en niet langer ook schenkbelasting.
Wat zijn fictiebepalingen?
De Successiewet kent naast de 180-dagenregeling verschillende fictiebepalingen om ontwijking te voorkomen. Zij belasten bepaalde vermogensverschuivingen tijdens leven bij overlijden alsnog als een erfrechtelijke verkrijging. Het klassieke voorbeeld is een schenking van een woning onder voorbehoud van vruchtgebruik: het genot blijft bij de schenker, en bij overlijden wordt de woning voor de erfbelasting toch bij de nalatenschap geteld.
Hoe doe ik aangifte schenkbelasting?
De aangifte wordt gedaan door de begiftigde, de ontvanger van de schenking; de schenker en de begiftigde mogen ook samen aangifte doen. De aangifte kan worden ondertekend door de begiftigde, de schenker of een gemachtigde, zoals een notaris of belastingadviseur. Aangifte is alleen verplicht bij een belaste schenking of wanneer u een beroep doet op een eenmalig verhoogde vrijstelling; blijft de schenking binnen de gewone jaarlijkse vrijstelling, dan hoeft u geen aangifte te doen.
U doet aangifte digitaal met DigiD of op papier, in beide gevallen bij het kantoor Eindhoven van de Belastingdienst, ook als de schenker in het buitenland woont. De aangifte moet uiterlijk binnen twee maanden na afloop van het kalenderjaar waarin de schenking is gedaan worden ingediend, in de regel dus vóór 1 maart van het volgende jaar. Bij een schenking onder een opschortende voorwaarde begint die termijn pas te lopen zodra de voorwaarde is vervuld.
Hoe doe ik aangifte erfbelasting?
De aangifte wordt gedaan door de verkrijger, de erfgenaam of legataris; in de praktijk dienen de verkrijgers vaak samen één aangifte in. Doet een executeur of gemachtigde de aangifte, dan hoeven de verkrijgers niet zelf te ondertekenen. De Belastingdienst reikt ongeveer vier maanden na het overlijden de aangiftebiljetten uit. U doet aangifte digitaal met DigiD of op papier, bij het kantoor Eindhoven; bij een overlijden in het buitenland loopt de procedure via kantoor Heerlen, maar de aangifte komt uiteindelijk ook bij Eindhoven binnen.
De termijn is per 1 januari 2026 verruimd van acht naar twintig maanden na het overlijden. Deze verruiming geldt voor overlijdens op of na 1 januari 2026. Hebt u na twintig maanden nog geen aangiftebiljet ontvangen, dan bent u verplicht binnen twee weken een verzoek tot uitreiking van het biljet in te dienen.
Hoeveel kan ik besparen met periodiek schenken in plaats van nalaten?
Door tijdens leven periodiek te schenken in plaats van alles na te laten, benut u elk jaar opnieuw de vrijstelling en het lage tarief van de eerste schijf, en verlaagt u het belaste vermogen bij overlijden.
Rekenvoorbeeld, met de bedragen van 2026. Een ouder met 250.000 euro laat alles na aan één kind: na de vrijstelling betaalt het kind ongeveer 28.887 euro erfbelasting. Schenkt diezelfde ouder in plaats daarvan tien jaar lang 10.000 euro per jaar, waarbij telkens de vrijstelling van 6.908 euro wordt benut, dan is per jaar ongeveer 309 euro schenkbelasting verschuldigd, samen ongeveer 3.090 euro. De nalatenschap is dan nog 150.000 euro, waarover het kind na de vrijstelling ongeveer 12.377 euro erfbelasting betaalt. De totale druk komt uit op ongeveer 15.467 euro, een besparing van zo'n 13.400 euro.
Welke alternatieven zijn er, zoals verkoop van de woning met kwijtschelding?
Naast een jaarlijks schenkingsprogramma bestaan er andere routes om vermogen fiscaal verstandig over te dragen. Een veelgebruikte is de verkoop van de woning aan de kinderen, gevolgd door een gefaseerde kwijtschelding van de koopsom: pas bij de kwijtschelding ontstaat de belaste vermogensverschuiving, en over dat deel betalen de kinderen schenkbelasting. Is bij de verkoop al overdrachtsbelasting betaald, dan kan die via de anticumulatieregel met de schenkbelasting worden verrekend. Ook kan de eenmalig verhoogde vrijstelling met een verkoop worden gecombineerd. De volgorde van schenken en leveren beïnvloedt de uitkomst, dus deze routes vragen om een zorgvuldige opzet.
Wat is de bedrijfsopvolgingsregeling (BOR)?
De bedrijfsopvolgingsregeling stelt de overdracht van een onderneming, door schenking of vererving, grotendeels vrij van schenk- of erfbelasting, mits de verkrijger de onderneming voortzet. In 2026 is het ondernemingsvermogen tot 1.543.500 euro volledig vrijgesteld, en geldt daarboven een vrijstelling van 75 procent van het meerdere. Aan de regeling zijn bezits- en voortzettingsvoorwaarden verbonden.
Geldt de Nederlandse schenk- en erfbelasting ook na emigratie?
Vaak wel. Een Nederlander die emigreert, wordt op grond van de woonplaatsfictie nog tien jaar geacht in Nederland te wonen voor de schenk- en erfbelasting. Voor niet-Nederlanders geldt bij de schenkbelasting een termijn van één jaar na vertrek. Emigreren schudt de Nederlandse schenk- en erfbelasting dus niet meteen af.
Tot slot
Schenken en erven zijn bij uitstek onderwerpen waar tijdige planning het verschil maakt: wie de vrijstellingen jaar op jaar benut, de formaliteiten en aangiften op orde heeft en de nalatenschap vooraf inricht, houdt de belastingdruk laag en voorkomt verrassingen. Bougainville Tax adviseert particulieren, dga's en ondernemers over schenken, vererven en bedrijfsopvolging, in samenhang en op tijd.
Dit artikel is van algemene en informatieve aard en vormt geen fiscaal of juridisch advies. Bedragen, percentages en regels gelden voor het jaar 2026 en kunnen wijzigen; de toepassing hangt af van de concrete feiten.