Bezwaar tegen een belastingaanslag: de volledige procedure
Een aanslag die niet klopt, corrigeert zichzelf niet. De wet geeft u zes weken om bezwaar te maken, en na die zes weken staat de aanslag vast, hoe onjuist hij ook is. Wat daarna nog resteert is een verzoek om ambtshalve vermindering, een instrument met minder rechten en zonder kostenvergoeding.
De meeste bezwaarprocedures die stuklopen, lopen niet stuk op de inhoud. Ze lopen stuk op een gemiste hersteltermijn, een niet gevraagd uitstel van betaling, een aangevinkt vakje waarmee het hoorrecht is prijsgegeven, of een ingebrekestelling die twee weken te vroeg de deur uit ging.
Deze whitepaper beschrijft de procedure van begin tot eind, met de wettelijke grondslag en de termijn per stap, modeldocumenten die u kunt overnemen, en twee checklists: een voor de adviseur en een voor de ondernemer zelf.
Waartegen kunt u bezwaar maken?
Bezwaar staat open tegen een belastingaanslag en tegen een voor bezwaar vatbare beschikking. Dat zijn er meer dan men doorgaans denkt:
- de voorlopige aanslag en de definitieve aanslag
- de navorderingsaanslag (artikel 16 AWR) en de naheffingsaanslag (artikel 20 AWR)
- de beschikking belastingrente
- de boetebeschikking, zowel verzuimboete als vergrijpboete
- de verliesvaststellingsbeschikking
- de informatiebeschikking (artikel 52a AWR)
- de beschikking op een verzoek om ambtshalve vermindering
Gaat het om een aanslag die voortkomt uit niet aangegeven buitenlands vermogen, dan speelt daarnaast de vraag of inkeren aangewezen is. Zie Inkeerregeling bij buitenlands vermogen.
Staan meerdere beschikkingen op hetzelfde aanslagbiljet, dan is het verstandig ze in het bezwaarschrift alle afzonderlijk te noemen. De rente- en boetebeschikking volgen in de praktijk de aanslag, maar een expliciete vermelding voorkomt discussie over de omvang van het geschil.
Tegen een uitspraak op bezwaar staat geen bezwaar open, maar beroep bij de rechtbank.
De bezwaartermijn
Zes weken, vanaf de dagtekening
De termijn bedraagt zes weken. Voor belastingaanslagen bepaalt artikel 22j AWR dat die termijn aanvangt op de dag na die van de dagtekening van het aanslagbiljet. Dat wijkt af van de hoofdregel van artikel 6:8 Awb, die uitgaat van de bekendmaking.
Op die regel bestaat een uitzondering die in de praktijk regelmatig redding biedt. Ligt de dagtekening vóór het moment van terpostbezorging, dan vangt de termijn pas aan op de dag van terpostbezorging. Wie zich daarop beroept, moet aannemelijk maken dat de aanslag later is verzonden dan de dagtekening aangeeft. Bewaar daarom de envelop.
Wanneer is het bezwaarschrift op tijd?
Artikel 6:9 Awb kent twee regels naast elkaar. Bij verzending per post is het bezwaarschrift tijdig ingediend als het vóór het einde van de termijn ter post is bezorgd én binnen een week na afloop van de termijn is ontvangen. Bij indiening langs elektronische weg geldt de ontvangst.
Die tweede voorwaarde van een week wordt vaak over het hoofd gezien. Een bezwaarschrift dat op de laatste dag op de bus gaat maar er negen dagen over doet, is te laat, en het bewijs van tijdige terpostbezorging helpt dan niet meer.
Verzend daarom aangetekend, of dien in via de weg die de Belastingdienst daarvoor uitdrukkelijk heeft opengesteld. Een bezwaarschrift per gewone e-mail is geen erkende indieningswijze zolang die weg niet is opengesteld.
Te laat: is de overschrijding verschoonbaar?
Artikel 6:11 Awb bepaalt dat niet-ontvankelijkverklaring achterwege blijft indien redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat de indiener in verzuim is geweest. Let op de formulering: de termijn wordt niet verlengd, de sanctie blijft achterwege.
De maatstaf is in 2024 aanmerkelijk verruimd. De Hoge Raad heeft in twee arresten van 5 en 19 april 2024 de strengere lijn losgelaten waarin verschoonbaarheid vrijwel alleen werd aangenomen als indiening feitelijk onmogelijk was. Beslissend is nu of van de indiener in de gegeven omstandigheden in redelijkheid kon worden gevergd tijdig bezwaar te maken, en of de verwijtbaarheid gering is.
Dat opent ruimte die er tot voor kort niet was. Ziekte, ziekenhuisopname, een brand, het overlijden van een naaste, of uitval bij de adviseur kunnen onder omstandigheden volstaan. Twee dingen blijven wel gelden. De bewijslast ligt bij de indiener. En het bezwaar moet zijn ingediend zodra dat redelijkerwijs mogelijk was, dus niet pas maanden nadat de belemmering was weggevallen.
Een reden die pas ná afloop van de termijn opkomt, bijvoorbeeld een arrest waaruit blijkt dat de aanslag onjuist was, maakt de overschrijding niet alsnog verschoonbaar. Wie geen bezwaar maakte omdat hij daartoe destijds geen aanleiding zag, heeft geen verschoonbare termijnoverschrijding maar een gemiste termijn.
De drie data die u niet mag missen
Zes weken na dagtekening. De uiterste dag voor indiening van het bezwaarschrift. Reken de termijn na op de dagtekening, niet op de datum van ontvangst.
De hersteltermijn bij pro forma bezwaar. De inspecteur stelt een termijn voor het aanvullen van de gronden. Verstrijkt die zonder motivering, dan volgt niet-ontvankelijkverklaring. Deze datum staat niet in de wet, maar in een brief, en juist daarom raakt hij zoek.
Twee weken na de ingebrekestelling. Pas dan gaat de dwangsom lopen en pas dan staat beroep wegens niet tijdig beslissen open. Een ingebrekestelling die vóór afloop van de beslistermijn is verzonden, heeft geen rechtsgevolg.
Bezwaar of ambtshalve vermindering?
Is de bezwaartermijn verstreken, dan resteert het verzoek om ambtshalve vermindering. Dat is geen tweede kans maar een wezenlijk zwakker instrument.
| Bezwaar | Ambtshalve vermindering | |
|---|---|---|
| Termijn | 6 weken na dagtekening | 5 jaar na afloop van het belastingjaar |
| Grondslag | Artikel 22j AWR, hoofdstuk 6 en 7 Awb | Artikel 65 AWR, voor de inkomstenbelasting artikel 9.6 Wet IB 2001 |
| Aard | Recht op heroverweging | Bevoegdheid van de inspecteur |
| Hoorrecht | Ja | Nee |
| Inzagerecht | Ja, artikel 7:4 Awb | Nee |
| Beslistermijn met dwangsom | Ja | Nee |
| Kostenvergoeding | Ja, artikel 7:15 Awb | Nee |
| Vervolg | Beroep bij de rechtbank | Beroep alleen tegen de afwijzende beschikking, met beperkte toetsing |
| Wanneer toepassen | Altijd wanneer de termijn nog loopt | Alleen wanneer de termijn is verstreken, of bij een gering belang |
De praktijk van de Belastingdienst is dat een als bezwaar bedoeld geschrift dat buiten de termijn binnenkomt, wordt behandeld als verzoek om ambtshalve vermindering. Dat is welwillend, maar het betekent wel dat u zonder het te merken in het zwakkere spoor terechtkomt. Wie meent dat de overschrijding verschoonbaar is, moet dat uitdrukkelijk stellen en onderbouwen, en verzoeken het stuk als bezwaar in behandeling te nemen.
Het bezwaarschrift
Vormvereisten
Artikel 6:5 Awb stelt vier eisen. Het bezwaarschrift is ondertekend en bevat de naam en het adres van de indiener, de dagtekening, een omschrijving van het besluit waartegen het zich richt, en de gronden.
Ontbreekt een van deze elementen, dan mag de inspecteur het bezwaar niet zonder meer niet-ontvankelijk verklaren. Artikel 6:6 Awb verplicht hem eerst een termijn te bieden om het verzuim te herstellen. Dat geldt voor vormverzuimen, niet voor een overschrijding van de bezwaartermijn zelf: die is met een hersteltermijn niet te repareren.
Pro forma bezwaar
Is de termijn bijna om en zijn de gronden nog niet uitgewerkt, dien dan pro forma in. Een pro forma bezwaarschrift bevat alle elementen van artikel 6:5 Awb behalve de uitgewerkte gronden, met het verzoek een termijn te stellen voor aanvulling.
Dit is een volwaardig instrument en er is niets amateuristisch aan. Het risico zit uitsluitend in de opvolging. De hersteltermijn die de inspecteur vervolgens stelt, in de praktijk vier tot zes weken, is even hard als de bezwaartermijn zelf.
Zet die datum in de agenda op het moment dat de brief binnenkomt, niet later. Is meer tijd nodig, vraag dan verlenging aan vóór het verstrijken van de termijn, niet erna.
Motiveer ruim
Formuleer de gronden zo dat ook de kwalificatievraag erin past, niet alleen het bedrag. Een bezwaar dat zich uitsluitend richt op de hoogte van een correctie laat de vraag onbesproken of de inspecteur het inkomensbestanddeel wel in de juiste box of de juiste bron heeft geplaatst. Die fundamentele fout blijft dan staan.
Neem in het bezwaarschrift standaard op:
- het verzoek om te worden gehoord
- het verzoek om inzage in de op de zaak betrekking hebbende stukken
- het verzoek om vergoeding van de kosten van de bezwaarfase
- het voorbehoud de gronden aan te vullen
Uitstel van betaling
Bezwaar schort de betalingsverplichting niet automatisch op. Dit is de misvatting die in de praktijk de meeste schade veroorzaakt: de aanslag wordt betwist, de ontvanger int gewoon door, en de eerste aanmaning komt terwijl het bezwaar nog loopt.
Vraag daarom tegelijk met het bezwaar uitstel van betaling aan bij de ontvanger. Dat is een afzonderlijk verzoek aan een afzonderlijk organisatieonderdeel. Het uitstel ziet op het betwiste bedrag. Het onbetwiste deel blijft gewoon opeisbaar, en dat deel betaalt u dus.
Bewaar de schriftelijke bevestiging. Invorderingsrente loopt door gedurende het uitstel, wat betekent dat uitstel vragen niet gratis is als het bezwaar uiteindelijk ongegrond blijkt.
Het hoorrecht
In belastingzaken hoort u op verzoek
Hier wijkt het belastingrecht af van het algemene bestuursrecht. Waar artikel 7:2 Awb uitgaat van een hoorplicht, bepaalt artikel 25 lid 1 AWR dat de belanghebbende wordt gehoord indien hij daarom heeft verzocht.
Het gevolg is dat het hoorrecht in belastingzaken een actief recht is. Wie niet verzoekt, wordt niet gehoord, en kan daar later niet over klagen. Vraag er dus altijd om, en doe dat schriftelijk in het bezwaarschrift zelf.
De Belastingdienst hanteert formulieren waarop kan worden aangekruist dat men niet wenst te worden gehoord. Retourneer die formulieren nooit zonder instructie.
Wat het hoorgesprek is
Het hoorgesprek is geen formaliteit maar het enige moment waarop u de feiten mondeling kunt toelichten voordat de uitspraak wordt geschreven. Voor feitelijk complexe dossiers is dat vaak doorslaggevender dan een extra schriftelijke ronde.
Verzoek uitdrukkelijk om een hoorzitting als u die wilt. Een telefonisch contact is iets anders dan horen, en wie alleen om "horen" vraagt loopt het risico dat het bij een telefoongesprek blijft.
Maak zelf een verslag van wat is besproken en stuur dat na afloop toe met het verzoek eventuele onjuistheden te corrigeren.
Herstel achteraf
Is de hoorplicht geschonden, dan hoeft dat niet tot vernietiging te leiden. De Hoge Raad heeft op 11 juli 2025 bevestigd dat de inspecteur alsnog aan de hoorplicht kan voldoen en vervolgens een tweede uitspraak op bezwaar kan doen. Dat is voor de praktijk van belang: een geslaagde klacht over het horen levert niet zonder meer een inhoudelijk resultaat op, maar een nieuwe ronde.
Inzage in het dossier
Artikel 7:4 Awb geeft recht op inzage in de op de zaak betrekking hebbende stukken voorafgaand aan het horen. In beroep is de tegenhanger artikel 8:42 Awb.
De reikwijdte van dat begrip is bepaald in twee arresten. In het arrest van 10 april 2015 en vervolgens uitgebreid op 4 mei 2018 heeft de Hoge Raad vuistregels geformuleerd. De kern is dat het gaat om alle stukken die de inspecteur ter beschikking staan of hebben gestaan en die van belang kunnen zijn voor de beslechting van de geschilpunten. Of de inspecteur het stuk daadwerkelijk heeft gebruikt, is niet beslissend.
Het arrest van 2018 voegt daaraan toe dat ook in elektronische vorm vastgelegde gegevens onder het begrip vallen, mits leesbaar of anderszins waarneembaar te maken. Softwareprogramma's en systemen voor gegevensopslag zelf vallen er in beginsel buiten. Gegevens uit een database moeten worden verstrekt door middel van een afdruk of op andere geschikte wijze.
Praktisch betekent dit dat een verzoek om inzage niet vaag mag blijven. Motiveer waarom een bepaald stuk van enig belang kan zijn geweest voor de besluitvorming. Een algemeen verzoek om "het dossier" levert doorgaans minder op dan een gericht verzoek om de controlerapporten, de interne correspondentie over het standpunt, of de vergelijkingsgegevens waarop een correctie steunt.
De beslistermijn
Zes weken, met verdaging
De inspecteur beslist binnen zes weken na ontvangst van het bezwaarschrift (artikel 7:10 lid 1 Awb). Is een advies van een derde nodig, dan is die termijn tien weken.
Verdaging met ten hoogste zes weken is mogelijk, maar alleen als de inspecteur dat schriftelijk meedeelt vóór afloop van de oorspronkelijke termijn (artikel 7:10 lid 3 Awb). Een mededeling na afloop heeft geen effect: de termijn is dan al verstreken.
Verder uitstel is mogelijk met instemming van de indiener (artikel 7:10 lid 4 Awb). Wees terughoudend met die instemming en leg vast voor welke periode zij geldt. Zolang de instemming loopt, is de inspecteur niet in verzuim en loopt er geen dwangsom.
In de praktijk duren bezwaarprocedures aanzienlijk langer dan de wettelijke termijnen. Dat is geen reden om te berusten.
Ingebrekestelling
Is de beslistermijn verstreken, dan stelt u de inspecteur schriftelijk in gebreke. De ingebrekestelling moet ondubbelzinnig als zodanig kenbaar zijn en het verzuim aanwijzen.
De timing luistert nauw. Verzending vóór afloop van de beslistermijn, inclusief een rechtsgeldige verdaging, heeft geen rechtsgevolg. Verzend dus op zijn vroegst de dag na afloop.
Na ontvangst van de ingebrekestelling heeft de inspecteur twee weken. Beslist hij binnen die twee weken alsnog, dan is geen dwangsom verschuldigd.
Dwangsom
Blijft de beslissing na die twee weken uit, dan verbeurt de inspecteur een dwangsom op grond van artikel 4:17 Awb. De staffel bedraagt 23 euro per dag voor de eerste veertien dagen, 35 euro per dag voor de daaropvolgende veertien dagen en 45 euro per dag voor de laatste veertien dagen, met een maximum van 1.442 euro over ten hoogste 42 dagen.
Het zijn geen bedragen waarvoor men een procedure begint. De werkelijke functie van de ingebrekestelling is een andere: zij opent de weg naar beroep wegens niet tijdig beslissen (artikel 6:2 sub b jo. artikel 6:12 Awb). Dat is het instrument dat een dossier in beweging brengt.
Kostenvergoeding
Wanneer bestaat er recht op
Artikel 7:15 Awb geeft recht op vergoeding van de kosten van de bezwaarfase indien het besluit wordt herroepen wegens een aan het bestuursorgaan te wijten onrechtmatigheid.
Twee voorwaarden verdienen aandacht. Herroeping is niet hetzelfde als een gewijzigd inzicht: als de aanslag wordt verlaagd omdat u nieuwe gegevens hebt aangeleverd die de inspecteur eerder niet had, is er geen aan hem te wijten onrechtmatigheid. En het verzoek moet zijn gedaan vóórdat op het bezwaar is beslist. Een verzoek dat pas komt nadat de uitspraak is gedaan, is te laat.
Neem het verzoek daarom standaard op in elk bezwaarschrift. Het kost een zin.
De bedragen
De vergoeding is forfaitair. Het aantal punten wordt vermenigvuldigd met de waarde per punt en met een wegingsfactor.
In de bezwaarfase levert het indienen van het bezwaarschrift één punt op en het verschijnen op de hoorzitting één punt. De waarde per punt bedraagt in 2026 666 euro in de bezwaarfase en 934 euro in beroep en hoger beroep.
De wegingsfactor bedraagt 0,25 bij een zeer lichte zaak, 0,5 bij licht, 1 bij gemiddeld, 1,5 bij zwaar en 2 bij zeer zwaar. Bij beroepen wegens niet tijdig beslissen wordt in de regel 0,25 toegepast.
De Hoge Raad heeft op 20 maart 2026 algemene overwegingen gegeven over artikel 2 lid 2 van het Besluit proceskosten bestuursrecht, de bepaling die matiging toestaat wanneer een partij slechts op een punt van ondergeschikt belang in het gelijk is gesteld. Wie op een nevenpunt wint, moet er rekening mee houden dat de vergoeding wordt gehalveerd of verder beperkt.
Griffierecht in beroep
Griffierecht speelt pas in de beroepsfase, maar hoort in de afweging thuis. De tarieven voor 2026 bedragen bij de rechtbank in de meeste belastingzaken 54 euro voor natuurlijke personen en 397 euro voor rechtspersonen. Voor een aantal specifieke belastingzaken, waaronder dividendbelasting, omzetbelasting en bpm, geldt voor natuurlijke personen 200 euro.
In hoger beroep en cassatie bedragen die tarieven 147 euro respectievelijk 297 euro voor natuurlijke personen en 596 euro voor rechtspersonen.
Bij gegrond beroep wordt het griffierecht vergoed (artikel 8:74 Awb). Bij betalingsonmacht kan om vrijstelling worden verzocht.
De uitspraak op bezwaar
De uitspraak berust op een integrale heroverweging. De inspecteur beoordeelt de aanslag opnieuw, niet alleen op de aangevoerde gronden.
Verslechtering bij uitspraak op bezwaar is niet toegestaan. De inspecteur kan de aanslag niet verhogen ten nadele van degene die bezwaar maakte. Meent hij dat te weinig is geheven, dan is navordering het aangewezen spoor, met de eigen vereisten die daarvoor gelden.
De uitspraak moet zijn gemotiveerd (artikel 7:12 Awb). Een enkele verwijzing naar eerdere correspondentie is doorgaans onvoldoende als daaruit niet kenbaar is op welke gronden de beslissing berust.
Controleer bij ontvangst drie dingen: is op alle aangevoerde gronden beslist, is beslist op het verzoek om kostenvergoeding, en is de rente- en boetebeschikking meegenomen.
Van bezwaar naar beroep
De beroepstermijn bedraagt zes weken en vangt aan op de dag na verzending van de uitspraak op bezwaar (artikel 26 AWR jo. artikel 6:7 Awb).
In beroep vindt een volledige rechterlijke toetsing plaats. Nieuwe gronden zijn in beginsel toelaatbaar, mits dat niet in strijd komt met de goede procesorde. Wie in bezwaar terughoudend is geweest, kan dat in beroep tot op zekere hoogte inhalen, maar hoe later een grond komt, hoe kritischer daarnaar wordt gekeken.
Daarna staat hoger beroep open bij het gerechtshof en vervolgens cassatie bij de Hoge Raad, die uitsluitend over rechtsvragen oordeelt.
Bij lange procedures speelt de redelijke termijn. Uitgangspunt is dat de behandeling in eerste aanleg, de bezwaarfase daaronder begrepen, binnen twee jaar plaatsvindt. Bij overschrijding bestaat aanspraak op vergoeding van immateriële schade. De Hoge Raad heeft op 1 mei 2026 verduidelijkt wanneer die termijn wegens bijzondere omstandigheden mag worden verlengd, waaronder het procesgedrag en de beschikbaarheid van de gemachtigde. Beoordeeld wordt per individuele zaak of dat gedrag de behandelduur daadwerkelijk heeft beïnvloed.
Modeldocumenten
Model pro forma bezwaarschrift
Belastingdienst [kantoor] [adres] [plaats], [datum] Betreft: pro forma bezwaar Aanslagnummer: [nummer] Belastingmiddel en tijdvak: [middel], [jaar] Dagtekening aanslag: [datum] Naam belanghebbende: [naam] Fiscaal nummer: [nummer] Geachte inspecteur, Namens [naam belanghebbende] maak ik hierbij bezwaar tegen de hierboven genoemde aanslag, alsmede tegen de daarbij op hetzelfde biljet gegeven beschikking belastingrente en beschikking [boete/verlies], voor zover van toepassing. De gronden van het bezwaar zijn thans nog niet volledig uitgewerkt. Ik verzoek u mij daartoe een termijn te stellen van ten minste vier weken. Voorts verzoek ik u: 1. mij te horen alvorens op het bezwaar te beslissen; 2. mij inzage te verlenen in de op de zaak betrekking hebbende stukken; 3. de kosten van deze bezwaarprocedure te vergoeden op de voet van artikel 7:15 Awb. Een kopie van de machtiging treft u bijgaand aan. Ik verzoek u alle correspondentie in deze zaak aan mij te richten. Hoogachtend, [naam gemachtigde] [kantoor]
Model gemotiveerd bezwaarschrift
[adressering en kenmerken als hierboven] Geachte inspecteur, Namens [naam belanghebbende] maak ik bezwaar tegen de bovengenoemde aanslag. 1. Feiten [chronologische weergave van de relevante feiten, met verwijzing naar bijlagen] 2. Geschil Tussen partijen is in geschil of [omschrijving van het geschilpunt]. 3. Standpunt van belanghebbende [per grond genummerd, met vermelding van de toepasselijke bepaling en de relevante rechtspraak] 4. Conclusie Op grond van het voorgaande verzoek ik u de aanslag te verminderen tot een naar een belastbaar [inkomen/bedrag] van [bedrag], met dienovereen- komstige aanpassing van de beschikking belastingrente. 5. Verzoeken Ik verzoek u voorts: - mij te horen alvorens uitspraak te doen; - mij voorafgaand aan het horen inzage te verlenen in de op de zaak betrekking hebbende stukken als bedoeld in artikel 7:4 Awb; - de kosten van deze procedure te vergoeden op de voet van artikel 7:15 Awb, met toepassing van wegingsfactor [factor] gelet op [motivering]. Ik behoud mij het recht voor de gronden aan te vullen. Hoogachtend, [naam gemachtigde]
Model verzoek om uitstel van betaling
Belastingdienst Ontvanger [adres] [plaats], [datum] Betreft: verzoek om uitstel van betaling in verband met bezwaar Aanslagnummer: [nummer] Geachte ontvanger, Namens [naam belanghebbende] verzoek ik u uitstel van betaling te verlenen voor de bovengenoemde aanslag. Tegen deze aanslag is op [datum] bezwaar gemaakt bij de inspecteur. Een kopie van het bezwaarschrift treft u bijgaand aan. Het bestreden bedrag beloopt [bedrag]. Voor het onbetwiste deel van [bedrag] zal binnen de betalingstermijn worden zorggedragen. Ik verzoek u het uitstel te verlenen tot zes weken na de dagtekening van de uitspraak op bezwaar, en mij de verlening schriftelijk te bevestigen. Hoogachtend, [naam gemachtigde]
Model ingebrekestelling
Belastingdienst [kantoor] [plaats], [datum] Betreft: ingebrekestelling wegens niet tijdig beslissen op bezwaar Aanslagnummer: [nummer] Geachte inspecteur, Op [datum] heb ik namens [naam belanghebbende] bezwaar gemaakt tegen de bovengenoemde aanslag. Dit bezwaarschrift is door u ontvangen op [datum]. De beslistermijn van artikel 7:10 Awb is verstreken op [datum]. [Indien van toepassing: bij brief van [datum] heeft u de beslistermijn verdaagd tot [datum]. Ook die termijn is verstreken.] Tot op heden heb ik geen uitspraak op bezwaar ontvangen. Ik stel u hierbij in gebreke als bedoeld in artikel 4:17 lid 3 Awb. Indien niet binnen twee weken na ontvangst van deze brief op het bezwaar is beslist, verbeurt u een dwangsom en zal namens belanghebbende beroep worden ingesteld wegens het niet tijdig nemen van een besluit. Hoogachtend, [naam gemachtigde]
Model verzoek om ambtshalve vermindering
Belastingdienst [kantoor] [plaats], [datum] Betreft: verzoek om ambtshalve vermindering Aanslagnummer: [nummer] Belastingmiddel en tijdvak: [middel], [jaar] Geachte inspecteur, Namens [naam belanghebbende] verzoek ik u de bovengenoemde aanslag ambtshalve te verminderen op de voet van artikel 65 AWR [voor de inkomstenbelasting: artikel 9.6 Wet IB 2001]. De aanslag is naar een te hoog bedrag vastgesteld omdat [omschrijving]. Ter onderbouwing treft u bijgaand aan: [opsomming]. De termijn van vijf jaar na afloop van het kalenderjaar waarop de aanslag betrekking heeft, is nog niet verstreken. Ik verzoek u de aanslag te verminderen tot [bedrag], met dienovereen- komstige aanpassing van de beschikking belastingrente, en mij een voor bezwaar vatbare beschikking te doen toekomen. Hoogachtend, [naam gemachtigde]
Wat er in de praktijk misgaat
Pro forma bezwaar zonder tijdige aanvulling. De hersteltermijn staat in een brief die in de post of in het digitale postvak van de cliënt verdwijnt, terwijl de gemachtigde niet in kopie staat. Het bezwaar wordt niet-ontvankelijk verklaard en er volgt geen inhoudelijke beoordeling. Bewaak de hersteltermijn in de agenda en verzoek bij het eerste bezwaarschrift uitdrukkelijk om toezending van alle correspondentie aan de gemachtigde.
Hoorrecht onbedoeld prijsgegeven. Op standaardformulieren van de Belastingdienst staat een vakje waarmee wordt verklaard dat men niet wenst te worden gehoord. Dat vakje wordt aangekruist door iemand die de gevolgen niet overziet. Retourneer nooit een formulier zonder instructie, en verzoek standaard om een hoorzitting.
Uitstel van betaling niet gevraagd. De aanname dat bezwaar de betalingsverplichting opschort, is onjuist. Het gevolg is een aanmaning, een dwangbevel, invorderingsrente en soms beslag, terwijl het bezwaar nog loopt. Vraag het uitstel gelijktijdig aan bij de ontvanger en bewaar de bevestiging.
Bezwaar terwijl ambtshalve vermindering aangewezen was. Wordt het bezwaar te laat ingediend en is de overschrijding niet verschoonbaar, dan verdwijnt het dossier in het zwakkere spoor zonder hoorrecht, inzagerecht en kostenvergoeding. Beoordeel bij ontvangst van de stukken direct welke termijn nog loopt.
Ingebrekestelling te vroeg. Verzonden vóór afloop van de beslistermijn heeft zij geen rechtsgevolg. De dwangsom gaat niet lopen en het beroep wegens niet tijdig beslissen is prematuur. Reken de termijn na, inclusief een eventuele verdaging, en verzend op zijn vroegst de dag erna.
Ingebrekestelling te laat of in het geheel niet. In de hoop op een minnelijke regeling wordt gewacht, en het dossier blijft jaren liggen. Zonder ingebrekestelling geen dwangsom en geen beroep wegens niet tijdig beslissen. Bewaak beslistermijnen als kantoorbeleid, niet per dossier.
Kostenvergoeding niet verzocht. Ook bij een volledig gegrond bezwaar wordt niets vergoed als er niet om is gevraagd vóór de uitspraak. Neem het verzoek standaard op.
Gemachtigde niet of onjuist gesteld. Zonder geldige machtiging richt de inspecteur zijn correspondentie aan de belastingplichtige. Termijnen lopen dan zonder dat de gemachtigde het weet, en een uitnodiging voor de hoorzitting komt niet aan. Stuur een ruime machtiging mee en verzoek uitdrukkelijk om correspondentie aan de gemachtigde.
Verkeerde grondslag gekozen. Het bezwaar richt zich op het bedrag, terwijl de fout in de kwalificatie zit: de verkeerde box, de verkeerde bron, het verkeerde tijdvak. Het bezwaar wordt gedeeltelijk gegrond verklaard op het verkeerde punt en de fundamentele fout blijft staan. Analyseer de aanslag volledig voordat u indient.
Geen bewijs van tijdige terpostbezorging. Verzending per gewone post op de laatste dag, zonder verzendbewijs. Komt het stuk meer dan een week na afloop van de termijn binnen, dan is het te laat en is er niets te bewijzen. Verzend aangetekend of langs de opengestelde elektronische weg.
Massaal bezwaar en individuele kosten. Wordt het bezwaar aangewezen als massaal bezwaar, dan treedt de collectieve regeling in de plaats van de individuele aanspraak en vervalt de individuele kostenvergoeding. Wie een specifiek belang heeft dat afwijkt van de collectieve rechtsvraag, doet er verstandig aan dat tijdig kenbaar te maken.
Checklist: wat u zelf kunt doen
Zodra de aanslag binnenkomt
- Kijk naar de dagtekening, niet naar de datum waarop u de brief opende. Daar begint de termijn van zes weken.
- Stuur de aanslag direct door, ook als u denkt dat hij klopt. Zes weken zijn zo voorbij en een tweede beoordeling kost weinig.
- Bewaar de envelop wanneer de aanslag opvallend laat binnenkomt. Ligt de dagtekening vóór de verzending, dan schuift de termijn op.
- Ga er niet vanuit dat bezwaar de betaling opschort. Dat doet het niet.
Wat aanlevering versnelt
- De aanslag met alle bijlagen
- De aangifte waarop de aanslag betrekking heeft
- Eerdere correspondentie met de Belastingdienst over deze kwestie
- De onderliggende stukken: contracten, facturen, bankafschriften, taxatierapporten
- Uw aantekeningen van eerdere gesprekken met de inspecteur, ook telefonische
Wat u beter niet doet
- Formulieren van de Belastingdienst invullen of terugsturen zonder overleg. Op sommige daarvan verklaart u af te zien van het hoorgesprek.
- Telefonisch inhoudelijke toezeggingen doen over feiten of bedragen.
- Rechtstreeks corresponderen met de inspecteur zonder uw adviseur in kopie. Termijnen gaan dan lopen zonder dat iemand dat bijhoudt.
Waar u rekening mee houdt
- Een bezwaarprocedure duurt in de praktijk langer dan de wettelijke termijnen suggereren.
- Het onbetwiste deel van de aanslag betaalt u gewoon binnen de betalingstermijn.
- Over de periode van uitstel loopt invorderingsrente, ook als u uiteindelijk gelijk krijgt.
- De kostenvergoeding is forfaitair en dekt zelden de werkelijke kosten van bijstand.
Rechtspraak
De hierna genoemde uitspraken zijn geverifieerd op rechtspraak.nl.
HR 5 april 2024, ECLI:NL:HR:2024:515 Artikelen 6:8 en 6:11 Awb. Verschoonbaarheid van termijnoverschrijding. Beslissend is of van de indiener in redelijkheid kon worden gevergd tijdig het rechtsmiddel aan te wenden, en of het stuk vervolgens is ingediend zo spoedig als redelijkerwijs kon worden verlangd.
HR 19 april 2024, ECLI:NL:HR:2024:625 Artikelen 6:8 en 6:11 Awb. Vervolg op het vorige arrest. Ook een geringe mate van verwijtbaarheid kan aan toerekening van de termijnoverschrijding in de weg staan.
HR 10 april 2015, ECLI:NL:HR:2015:874 Artikelen 8:31 en 8:42 Awb. Reikwijdte van de op de zaak betrekking hebbende stukken en de gevolgen die de rechter aan een verzuim kan verbinden.
HR 4 mei 2018, ECLI:NL:HR:2018:672 Artikel 8:42 lid 1 Awb. Nadere uitleg van het begrip op de zaak betrekking hebbende stukken, met vuistregels voor in elektronische vorm vastgelegde gegevens.
HR 11 juli 2025, ECLI:NL:HR:2025:1132 Artikelen 4:6, 6:19 en 7:2 Awb. Alsnog voldoen aan de hoorplicht en de mogelijkheid een tweede uitspraak op bezwaar te doen.
HR 20 maart 2026, ECLI:NL:HR:2026:283 Artikel 2 lid 2 Besluit proceskosten bestuursrecht. Algemene overwegingen over matiging van de proceskostenvergoeding wanneer het beroep slechts gegrond is op een punt van ondergeschikt belang.
HR 1 mei 2026, ECLI:NL:HR:2026:735 Immateriële schadevergoeding en verlenging van de redelijke termijn wegens bijzondere omstandigheden, waaronder het procesgedrag en de beschikbaarheid van de gemachtigde. De beoordeling vindt per individuele zaak plaats.
Veelgestelde vragen
Hoelang heb ik om bezwaar te maken tegen een belastingaanslag?
Zes weken. Die termijn vangt aan op de dag na de dagtekening van het aanslagbiljet (artikel 22j AWR), niet op de dag waarop u de aanslag ontvangt. Ligt de dagtekening vóór het moment van terpostbezorging, dan telt de dag van terpostbezorging.
Moet ik de aanslag betalen terwijl het bezwaar loopt?
Ja, tenzij u afzonderlijk uitstel van betaling vraagt bij de ontvanger. Bezwaar schort de betalingsverplichting niet automatisch op. Het uitstel ziet op het betwiste bedrag; het onbetwiste deel blijft opeisbaar.
Wat kan ik doen als ik de bezwaartermijn heb gemist?
Twee routes. Is de overschrijding verschoonbaar in de zin van artikel 6:11 Awb, dan blijft niet-ontvankelijkverklaring achterwege. Sinds de arresten van april 2024 is die maatstaf verruimd: beslissend is of van u in redelijkheid kon worden gevergd tijdig bezwaar te maken. Lukt dat niet, dan resteert een verzoek om ambtshalve vermindering binnen vijf jaar na afloop van het belastingjaar.
Word ik automatisch gehoord in de bezwaarfase?
Nee. In belastingzaken bepaalt artikel 25 lid 1 AWR dat u wordt gehoord indien u daarom verzoekt. Neem dat verzoek dus op in het bezwaarschrift, en vul geen formulier in waarmee u van horen afziet.
Wat gebeurt er als de inspecteur niet op tijd beslist?
De beslistermijn is zes weken, met de mogelijkheid van verdaging met zes weken. Is die verstreken, dan stelt u de inspecteur schriftelijk in gebreke. Twee weken later gaat een dwangsom lopen en staat beroep wegens niet tijdig beslissen open.
Krijg ik mijn kosten vergoed als het bezwaar gegrond is?
Alleen als het besluit wordt herroepen wegens een aan de Belastingdienst te wijten onrechtmatigheid, en alleen als u daar vóór de uitspraak om hebt verzocht. De vergoeding is forfaitair: in 2026 666 euro per punt in de bezwaarfase, vermenigvuldigd met een wegingsfactor.
Wat wij doen
Wij voeren bezwaarprocedures in de volle breedte van de rijksbelastingen, van een enkelvoudige correctie in de inkomstenbelasting tot een navorderingsaanslag na boekenonderzoek met een vergrijpboete.
Wat wij daarbij doen is niet in de eerste plaats schrijven. Het is de aanslag ontleden voordat er een letter op papier gaat: welke grondslag is gehanteerd, welke feiten heeft de inspecteur aangenomen, welke stukken liggen daaraan ten grondslag en welke daarvan hebben wij nog niet gezien. Het bezwaarschrift volgt daaruit.
Wij zijn fiscalisten én Register Belastingadviseurs. Bij een bezwaarprocedure betekent dat concreet dat u niet met een dossierbehandelaar spreekt maar met degene die het stuk schrijft en het hoorgesprek voert.
Loopt er een termijn, neem dan contact op voordat die verstrijkt. Een verstreken bezwaartermijn is zelden te herstellen, en een verstreken hersteltermijn nooit.
De informatie op deze pagina is van algemene en informatieve aard en vormt geen fiscaal of juridisch advies. Bepalingen, bedragen en termijnen gelden naar de stand van het moment van schrijven en kunnen wijzigen.