Estate planning bij leven: schenken op papier, vruchtgebruik en de BOR
Wie vermogen naar de volgende generatie wil overdragen, kan dat op het laatste moment aan het toeval overlaten, of gestructureerd bij leven regelen. Die tweede route, estate planning, benut een aantal beproefde technieken om erfbelasting te beperken en de overdracht in eigen hand te houden. Drie daarvan komen telkens terug: schenken op papier, vruchtgebruikconstructies, en de bedrijfsopvolgingsregeling wanneer een onderneming in het spel is. Elk werkt alleen als aan strikte voorwaarden is voldaan, en één gemiste voorwaarde, meestal de jaarlijkse rente of vergoeding, laat de constructie alsnog belast zijn. Deze bijdrage behandelt de drie technieken en hun valkuilen.
Voor de algemene vrijstellingen en tarieven verwijzen wij naar Hoe werkt schenk- en erfbelasting? Regels, vrijstellingen en tarieven in 2026 →, en voor de eigen woning specifiek naar De eigen woning schenken of nalaten aan uw kinderen →.
Schenken op papier: geven zonder het geld af te staan
Schenken op papier is de techniek waarbij u bij notariële akte een bedrag schuldig erkent aan uw kind, zonder het daadwerkelijk over te maken. Het kind krijgt een vordering op u die pas bij uw overlijden opeisbaar is, terwijl het geld al die tijd bij u blijft, bijvoorbeeld omdat het in een woning of belegging vastzit. Zo verkleint u alvast uw nalatenschap en verschuift u vermogen naar de kinderen, zonder de liquiditeit nu al kwijt te raken.
Twee formele voorwaarden zijn hier beslissend, en het missen ervan is de klassieke fout. De eerste is de notariële akte: zonder notariële vastlegging vervalt de schuld bij uw overlijden en wordt het bedrag alsnog volledig tot de nalatenschap gerekend. De tweede, en de meest gemiste, is de jaarlijkse rente: over het schuldig erkende bedrag moet u jaarlijks daadwerkelijk minimaal 6% rente aan uw kind betalen. Betaalt u die rente niet, of te weinig, dan grijpt de fictiebepaling van artikel 10 Successiewet in en wordt het bedrag bij overlijden alsnog als fictieve verkrijging met erfbelasting belast, precies het gevolg dat u wilde vermijden.
Daar komt de fiscale keerzijde bij. Over het schuldig erkende bedrag is in het jaar van de schenking schenkbelasting verschuldigd, na aftrek van de vrijstelling. En voor de inkomstenbelasting geeft het kind de vordering aan in box 3 als overige bezitting tegen het hoge forfait van 6,0%, terwijl u de schuld slechts tegen het lagere schuldenpercentage van 2,7% mag aftrekken. Bij meerderjarige kinderen kan de last bij het kind daardoor groter zijn dan uw voordeel, iets wat vooraf moet worden doorgerekend. Voor minderjarige kinderen speelt dit niet: dan worden de vordering en schuld tussen ouder en kind gedefiscaliseerd en blijven ze buiten box 3.
Vruchtgebruikconstructies: overdragen en toch blijven genieten
Bij een vruchtgebruikconstructie draagt u de blote eigendom van een goed, vaak een woning, over aan de kinderen, terwijl u zelf het vruchtgebruik behoudt: het recht om het te gebruiken en de opbrengsten te genieten. Bij uw overlijden groeit de blote eigendom van de kinderen aan tot volle eigendom. Het idee is het vermogen bij leven over te dragen zonder het genot ervan te verliezen.
Ook hier is artikel 10 Successiewet de bepalende valkuil. Omdat u het genot behoudt, wordt de aangroei tot volle eigendom bij uw overlijden in beginsel als fictieve verkrijging met erfbelasting belast, tenzij u jaarlijks een zakelijke vergoeding van minimaal 6% van de waarde van het goed betaalt. Wordt die vergoeding niet betaald, dan levert de constructie fiscaal weinig op. Voor de inkomstenbelasting geven u en de kinderen elk uw deel in box 3 aan, het vruchtgebruik respectievelijk de blote eigendom, naar hun waarde.
Er bestaat een alternatief dat artikel 10 juist ontwijkt: de verkoop van de woning aan de kinderen onder voorbehoud van een huurrecht. U verkoopt de woning en blijft er wonen tegen een zakelijke huur van, als richtsnoer, minimaal 6% van de WOZ-waarde. Zolang die huur zakelijk is en werkelijk wordt betaald, is er bij uw overlijden geen fictieve verkrijging, en valt de latere waardestijging de kinderen belastingvrij toe. De rode draad bij beide constructies is dus dezelfde: de jaarlijkse, zakelijke en daadwerkelijk betaalde vergoeding is wat de constructie doet slagen of falen.
De bedrijfsopvolgingsregeling: de onderneming fiscaal vriendelijk overdragen
Is er een onderneming in het spel, dan is de bedrijfsopvolgingsregeling het krachtigste instrument. De BOR stelt de overdracht van ondernemingsvermogen, door schenking of vererving, grotendeels vrij van schenk- en erfbelasting, mits de verkrijger de onderneming voortzet. In 2026 geldt een vrijstelling van 100% tot € 1,5 miljoen ondernemingsvermogen, en 75% over het meerdere. Het verschil met een gewone overdracht kan daarmee in de honderdduizenden lopen.
De regeling is echter aan strikte voorwaarden gebonden, en die zijn per 2026 juist aangescherpt. Alleen kwalificerend ondernemingsvermogen komt in aanmerking, geen beleggingsvermogen, en sinds 2026 kwalificeren in beginsel alleen gewone aandelen die ten minste 5% van het geplaatste kapitaal vertegenwoordigen. Daarnaast geldt een bezitseis, de schenker of erflater moet het ondernemingsvermogen bij schenking ten minste vijf jaar en bij vererving ten minste één jaar hebben gehouden, en een voortzettingseis, de verkrijger moet de onderneming ten minste drie jaar voortzetten. Wordt aan een van deze eisen niet voldaan, dan vervalt de faciliteit geheel of gedeeltelijk.
Rond de BOR spelen bovendien enkele bijzondere aandachtspunten die om planning vragen. Certificaten van aandelen kwalificeren alleen wanneer zij met de onderliggende gewone aandelen zijn te vereenzelvigen, en preferente aandelen alleen wanneer zij in het kader van een gefaseerde bedrijfsopvolging zijn ontstaan. De regeling kan ook op indirecte belangen van toepassing zijn, mits aan de voorwaarden wordt voldaan. Omdat de definitie van kwalificerend vermogen per 2026 strenger is geworden en eerder vervreemd ondernemingsvermogen wordt uitgesloten, is een tijdige toets of uw structuur nog aan de eisen voldoet geen overbodige luxe.
Waarom de uitvoering belangrijker is dan het idee
Wat deze drie technieken gemeen hebben, is dat het idee eenvoudig is maar de uitvoering beslissend. Schenken op papier valt of staat met de notariële akte en de jaarlijkse rentebetaling, de vruchtgebruikconstructie met de zakelijke vergoeding, en de BOR met de bezits- en voortzettingseisen en de kwalificatie van het vermogen. In alle drie de gevallen ligt de valkuil niet in de opzet, maar in het jaar na jaar correct naleven van de voorwaarden. Een vergeten rentebetaling of een niet gehaalde termijn maakt jaren van planning ongedaan.
Onze praktijk zet estate planning daarom niet op als een eenmalige constructie, maar als een geheel dat klopt en blijft kloppen: de juiste techniek voor uw situatie, correct vastgelegd, met de jaarlijkse verplichtingen bewaakt en de BOR-voorwaarden getoetst aan de aangescherpte regels van 2026. Zo wordt de overdracht naar de volgende generatie een beheerste, fiscaal doordachte beweging, en geen constructie die bij overlijden alsnog tegenvalt.
De informatie op deze pagina is van algemene en informatieve aard en vormt geen fiscaal of juridisch advies. Bedragen, percentages en regels gelden voor 2026 en kunnen wijzigen. Voor toepassing op uw specifieke situatie adviseren wij u graag persoonlijk.